
De Belastingdienst mag faillissement aanvragen als een ondernemer structureel niet betaalt en meerdere schuldeisers onbetaald laat. Er moet sprake zijn van opeisbare schulden en betalingsonmacht.
Voor BV’s en DGA’s kan dit grote gevolgen hebben, waaronder bestuurdersaansprakelijkheid.
Tijdig handelen en juridisch correct communiceren kan faillissement soms voorkomen.

Introductie over faillissement aanvragen
Faillissement aanvragen door de Belastingdienst is voor veel ondernemers een nachtmerriescenario. Toch gebeurt het vaker dan gedacht, zeker bij openstaande belastingschulden, coronaschulden of niet nagekomen betalingsregelingen.
Kort antwoord: de Belastingdienst mag faillissement aanvragen zodra er sprake is van meerdere schuldeisers én een opeisbare belastingschuld die niet wordt betaald.
Dat betekent niet dat het altijd gebeurt. Maar het risico is reëel — vooral als signalen worden genegeerd.
In dit artikel leg ik helder uit wanneer de Belastingdienst deze stap zet, wat dit betekent voor uw BV of als DGA, en wat u nú kunt doen om controle te houden.
Volgens de Belastingdienst: wettelijke bevoegdheid tot faillissementsaanvraag
De Belastingdienst is een ‘gewone’ schuldeiser met bijzondere bevoegdheden. Op grond van de Faillissementswet mag iedere schuldeiser faillissement aanvragen als:
- er minimaal twee schuldeisers zijn
- er een opeisbare schuld is
- er sprake is van structurele betalingsonmacht
De Belastingdienst gebruikt deze bevoegdheid vooral wanneer:
- betalingsregelingen zijn vervallen
- aanmaningen en dwangbevelen geen effect hebben
- beslaglegging onvoldoende oplevert
- er geen constructieve communicatie meer plaatsvindt
Wanneer wordt het serieus?
In het kort: zodra invordering niets meer oplevert en het vertrouwen weg is.
Vaak zie ik dit patroon:
- Naheffing of aanslag
- Betalingsregeling
- Regeling wordt niet nagekomen
- Dwangbevel
- Beslag
- Aankondiging faillissementsverzoek
Het faillissementsverzoek is dus zelden de eerste stap. Maar het is wel een krachtige drukmiddel.
Wat dit concreet betekent voor de BV en de DGA
Een faillissementsaanvraag is niet alleen een zakelijke gebeurtenis. Voor een BV en haar bestuurder kan dit verstrekkende gevolgen hebben.
Reële risico’s voor de BV
- Stopzetting van activiteiten
- Bevriezing bankrekening
- Benoeming curator
- Onderzoek naar administratie
- Reputatieschade
Persoonlijk risico voor de DGA
Veel ondernemers denken: “Het is toch een BV, dus privé ben ik veilig.”
Dat is niet altijd zo.
Als er geen tijdige melding betalingsonmacht is gedaan bij loonheffing of btw, kan bestuurdersaansprakelijkheid ontstaan. De Belastingdienst kan dan privé aankloppen.
Samengevat: een faillissement van de BV kan doorschuiven naar privé als formele verplichtingen niet zijn nagekomen.
Veelgemaakte fouten: denken dat het niet gebeurt
In mijn praktijk zie ik dit vaak:
- “De Belastingdienst vraagt toch geen faillissement aan.”
- “Ik heb alleen belastingschuld, geen andere schuldeisers.”
- “Ik wacht wel tot ze weer bellen.”
- “Eerst cashflow oplossen, daarna reageren.”
Dit zijn risicovolle aannames.
De Belastingdienst vraagt wél faillissement aan, zeker bij:
- hoge coronaschulden in 2026
- structureel niet nagekomen regelingen
- ondernemers die onbereikbaar zijn
- vermoeden van onbehoorlijk bestuur
Kort antwoord: passiviteit vergroot het risico.
Wat u nu kunt doen: scenario’s voorbereiden
Het goede nieuws: een faillissementsaanvraag is vaak te voorkomen mits u op tijd handelt.
Checklist 1: Directe risico-inschatting
Beantwoord deze vragen eerlijk:
- Zijn er meerdere schuldeisers?
- Is er een lopende betalingsregeling?
- Worden termijnen gemist?
- Is melding betalingsonmacht correct gedaan?
- Is de administratie op orde?
Als meerdere antwoorden zorgelijk zijn, is actie nodig.
Checklist 2: Strategische opties in kaart brengen
Afhankelijk van uw situatie zijn er verschillende scenario’s:
Scenario 1 - Herstructureren
- Nieuwe betalingsregeling aanvragen
- Liquiditeitsplanning maken
- Crediteurenoverleg
Scenario 2 - Beëindigen zonder escalatie
- BV ontbinden
- Turbo liquidatie (indien juridisch verantwoord)
- Schuldsaneringstraject voorbereiden
Scenario 3 - Verdedigen tegen faillissementsverzoek
- Verweer bij rechtbank
- Aantonen dat er geen pluraliteit van schuldeisers is
- Aantonen dat er betalingscapaciteit is
Het belangrijkste: wacht niet tot de zittingsdatum.
Praktisch stappenplan bij dreigende faillissementsaanvraag
- Verzamel alle aanslagen en openstaande posten
- Controleer of melding betalingsonmacht tijdig is gedaan
- Maak een actueel overzicht van schuldeisers
- Analyseer cashflow voor de komende 6 maanden
- Laat juridisch toetsen of faillissement juridisch standhoudt
In het kort: inzicht geeft onderhandelingskracht.

Veelgestelde vragen - faillissement aanvragen
Kan de Belastingdienst zomaar faillissement aanvragen?
Nee. Er moet sprake zijn van minimaal twee schuldeisers en een opeisbare schuld. De rechtbank beslist uiteindelijk.
Hoe snel gaat een faillissementsprocedure?
Dat kan snel gaan. Na indiening kan de zitting binnen enkele weken plaatsvinden.
Kan ik faillissement nog voorkomen na indiening?
Ja, soms wel. Als betaling wordt geregeld of er juridisch verweer mogelijk is, kan het verzoek worden ingetrokken of afgewezen.
Ben ik als DGA altijd privé aansprakelijk?
Nee. Alleen bij specifieke situaties, zoals niet gemelde betalingsonmacht of onbehoorlijk bestuur.
Wat als ik alleen een belastingschuld heb?
Dan ontbreekt mogelijk een tweede schuldeiser. Maar let op: dit moet feitelijk kloppen.

Samenvatting over faillissement aanvragen
Faillissement aanvragen door de Belastingdienst is geen loze dreiging. Het is een wettelijke bevoegdheid die wordt ingezet wanneer structurele betalingsproblemen blijven bestaan.
Voor BV’s en DGA’s betekent dit een reëel risico maar ook een moment om strategisch te handelen.
Hoe eerder u inzicht krijgt in uw positie, hoe groter de kans om regie te houden.
Over de auteur
Peter Brouwers is belastingexpert en specialist in belastingschulden, invorderingsrecht en DGA-problematiek bij Belastingbemiddelaar.nl.
Al meer dan 15 jaar begeleidt hij ondernemers die te maken krijgen met invordering, beslaglegging, naheffingen en dreigende aansprakelijkheid. Hij staat bekend om zijn rustige, heldere uitleg zonder juridisch jargon.
Peter combineert diepgaande kennis van wetgeving met praktijkervaring in zwaarweer-situaties. Hij weet hoe de Belastingdienst werkt, hoe dossiers worden opgebouwd en waar juridische ruimte zit.
Zijn aanpak is menselijk en oplossingsgericht: niet veroordelen, maar structureren en vooruitkijken.
Ondernemers waarderen hem om zijn strategische blik en zijn vermogen om rust te brengen in stressvolle situaties.






